In 1926 werd de B.III gebouwd. Het was de legeruitvoering van de B.I.
Het was geen amfibie maar een normale vliegboot van het B.I formaat.
De B.III was bedoeld als een bewapende langeafstandsverkenner.
De bemanning bestond uit drie personen, ieder zat in een afzonderlijke kuip.
Enkele andere gegevens:
Maximum snelheid: 180 km/u, kruissnelheid 160 km/u, landingssnelheid 90 km/u.
Actieradius 750 km, plafond 4.000 meter.
Klik op de onderstaande foto's om deze te vergroten
Hier en op de twee foto’s hiernaast, vermoedelijk de laatste Fokkerproducten uit Veere (Zeeland).
De montagehal met toebehoren werd overgenomen door de Marine Luchtvaart Dienst.
Fokker ging zijn productie concentreren in Amsterdam-Noord.
De hal werd dus eind 1926 een marinevliegkamp.
Op deze foto staan de medewerkers van Fokker die aan deze vliegboot werkten.
De foto is genomen in Veere.
De romp van de B.III was van aluminium, de bovenvleugel van hout en bekleed met canvasdoek.
De ondervleugel was bekleed met multiplex.
De kuip nummer één was voor de waarnemer/schutter, nummer twee voor de vlieger en nummer drie voor de tweede piloot/staartschutter.
Dit is een van de laatste opnamen binnen in de montagehal van bedrijf Veere.
Proefvlucht van de B.III in de waterrijke omgeving van de Fokkervestiging in Veere.
Nog steeds op en in het water bij Veere.
De gebruikte motor was een Napier Lion met 450 pk.
Met vierbladige duwpropeller.
Nog een fraaie foto van al die proefvluchten op water.
De Marine Luchtvaart Dienst kocht dit vliegtuig.
Een order voor 12 toestellen ging echter niet door.
Op rustig water, de motor afgezet .
De spanwijdte van de bovenvleugel was 18 meter, de ondervleugel 14,6 meter.
Vleugeloppervlak bovenvleugel was 56,8 m2 en de ondervleugel 40 m2.
Lengte vliegboot 9,85 m, hoogte 3,8 m.
Leeg gewicht 1.300 kg.
Startgewicht 2.500 kg.
Front foto van de B.III, liggend in het water.
In 1926 gebouwd voor commerciële doeleinden.
De B.IIIc kreeg daarvoor een speciale cabine voor 6 passagiers.
Vermoedelijk werd dit vliegtuig in de Verenigde Staten afgebouwd.
Het werd getransporteerd van Amsterdam naar de de Fokkervestiging in Amerika, samen met twitig rompen voor de bouw van de B-IV vliegboten.
In de V.S .werd deze B-IIIc in 1927 geleverd aan de famile Vanderbilt.
Registratie NC 149, later NC 3996.
Op de neus stond de familievlag en op de staart stond de registratie.
Het toestel vloog veel rond Long Island.
Hierna ging de vliegbootproductie definitief over naar de Amerikaanse Fokker fabriek.
In de T-2 hangaar op het Aviodrome in Lelystad bevindt zich nog de kale romp van een B-IV vliegboot uit de Verenigde Staten.
In 1992 is deze vanuit Canada naar Nederland teruggekomen en in het toenmalige Aviodome gepresenteerd.
Heeft u aanvullingen of opmerkingen over deze pagina?
Ga naar het contactformulier en stuur het ons op.
Alles is welkom! Foto's en teksten zullen we met bronvermelding plaatsen.